Waarom dieren wel pijn mogen lijden en mensen niet
door: Jozien
Jozien is redacteur van VrouwenPlaza.com. Verder restaureert ze schilderijen, polychrome beelden en papier.
Meer van Jozien
De discussie over ritueel slachten gaat volgens econoom Arnold Heertje in feite over ‘de pijn van dieren tegenover de pijn van joden en moslims'. Dat maakt het simpel, want in onze moraal is het welzijn van mensen onvergelijkbaar veel belangrijker dan dat van dieren.
Voor een marsbewoner zou dat lastig te begrijpen zijn. Aan de ene kant is een mensenleven kennelijk zo heilig dat mensen niet eens zelf mogen kiezen wanneer ze hun leven beëindigen; de gezondheidszorg wordt onbetaalbaar mede doordat vele bejaarden die er allang een punt achter willen zetten, dat niet kunnen omdat iemand anders hun lijden niet erg genoeg vindt. Aan de andere kant is het in ons land doodnormaal dat we miljoenen dieren aan de lopende band fokken om te doden, en levende dieren reduceren tot broedmachines (bijvoorbeeld fokzeugen op roostervloeren achter ijzeren stangen waar hun tepels onderdoor passen, zodat de biggen aan de andere kant kunnen zogen).
Deze totale minachting voor het dierenleven gaat gepaard met buitensporige truttigheid rondom huisdieren (zoals sokjes en strass-halsbandjes voor de hond en delicatessen met een takje peterselie voor de kat), omdat het baasje dat zo enig vindt.
Deze discriminatie naar soort is niet erg doordacht. Varkens zijn bijvoorbeeld slimmer dan honden. Ook resultaten van psychologisch onderzoek laten zien hoezeer onze moraal is gebaseerd op de onderbuik. Denk eens aan iemand die zijn eigen, zojuist overreden hond opeet. Of iemand die een dode kip koopt en er iets ontuchtigs mee doet voordat ze de pan in gaat. Dat zou je waarschijnlijk walgelijk en moreel verwerpelijk vinden. Waarom eigenlijk? Wie lijdt er onder dit gedrag? Volgens onderzoek naar ‘moral dumbfounding' van Jonathan Haidt worden onze morele keuzes gestuurd door emoties en rudimentaire instincten.
Achteraf verzinnen we er een verklaring bij, waardoor het lijkt alsof onze oordelen na rijp beraad tot stand komen. Desnoods slepen we de bijbel erbij, of de koran of de thora, want als je een god achter je hebt, krijg je meer voor elkaar. Zoals het D66-congres een paar weken geleden al constateerde: godsdienstvrijheid is een grondrecht, dierenwelzijn niet; dat zou een recht van dieren zijn, en die hebben geen rechten - de categorie ‘landbouwhuisdieren' al helemaal niet, want die zijn ‘lekker' (daar is de onderbuik weer).
Maar ménsen die van dieren houden: die hebben toch wel rechten? Naar schatting 1 miljoen Nederlanders trekken zich het leed van dieren aan (het aantal leden van alle dierenbeschermingsorganisaties). Veel van hen lijden door dierenleed en voelen zich ‘prisoners of compassion', zoals treffend beschreven door Charlotte Mutsaers in Koetsier Herfst: ‘Dat waarachtig medelijden, medelijden dat je hart doorklieft, je domweg overkomt. Zoals alles wat ons werkelijk raakt. Omdat het geen keuze is, maar een overval. En na die overval beland je in de gevangenis.' Is dit lijden minder waard omdat deze mensen geen god achter zich hebben? Als je god uit de vergelijking laat (omdat je er niet in gelooft, of omdat het de discussie vertroebelt als iets van de ene god wel mag en van de andere niet), dan is het gewoon het gevoel van de een tegenover dat van de ander. Het werkelijke dilemma is de pijn van dierenvrienden tegenover de pijn van joden en moslims. Zonder god is de ene pijn niet ‘erger' dan de andere. Iedereen heeft ‘recht op zijn gevoel', zelfs als die gevoelens even primitief en egocentrisch zijn als de eigen-soort-eerst-moraal, of even irrationeel als de weerzin tegen pikante handelingen op een dooie kip. De een neemt er aanstoot aan als je in het openbaar naakt loopt, daarom mag dat niet. Zelf heb ik daar niks tegen, je doet er geen vlieg kwaad mee. Maar als dierenvriend neem ík aanstoot aan ritueel slachten in ons ‘beschaafde' land (en natuurlijk ook aan onze eigen oer-Hollandse veeindustrie).
Totdat keihard het bestaan is aangetoond van een God die dit voorschrijft en die het beste voor heeft met ons allen, zie ik niet in waarom de gevoelens van gelovigen zwaarder zouden wegen dan van dierenliefhebbers. Om nog maar te zwijgen van de dieren. Als verdoofd slachten de gelovigen zo'n pijn doet, kunnen ze altijd nog vegetariër worden.
Dit artikel is eerder verschenen in Intermediair
en geschreven door Roos Vonk.
Illustratie: Claudie de Cleen

