Om te lachen
door: José
Mijn naam is José Schuringa en ik ben 32. Ik ben theatermaker in hart en nieren. Ik speel zelf toneel, ik maak (schrijf en speel) cabaret (heb onder andere meegedaan met Het Groninger studentencabaretfestival, Cameretten en het Leids Cabaretfestival), ik regisseer en ik heb een docent drama bevoegdheid.
Meer van José
2011-06-01 22:25:00
Onlangs stond ik met mijn cabaretprogramma Moeke in Rotterdam. Ik participeerde in een benefiet Comedy night om geld in te zamelen voor het kankerfonds. Als roker heb ik natuurlijk direct ja gezegd. Op deze manier kon ik mooi mijn eigen schuldgevoel ‘ afkopen’, en aan de buitenwereld laten zien dat ik mij ergens belangeloos voor inzette. Want, eerlijk, dat voelt toch goed. Maar het voelde ook raar. Voor een optreden ben ik altijd geweldig nerveus. En wat doet een roker als hij nerveus is? Precies, roken! En wat schetste mijn verbazing. Vrijwel de gehele organisatie van die avond stond ook buiten te roken (zij waren ook nerveus), en een heel groot deel van de bezoekers ook! Lachen!
De superenthousiaste gastheer van de avond was uitgenodigd om de optredens aan elkaar te praten, dat is echt een vak, en probeerde bij aanvang het publiek wat op te warmen. Hij deelde de zaal in drieen en vroeg het eerste deel op te staan. "Jullie krijgen allemaal kanker". Waarschijnlijk bedoeld als grap, maar de apathische, voornamelijk mannelijke economiestudenten die de zaal vulden, konden er niet om lachen. Misschien was de grap te abrupt, misschien te waar, en misschien was het gewoon het feit dat het maandag 19 uur was. Ik hoopte in elk geval dat het geen gebrek aan humor van hun kant was, want anders werd het een zware avond. Lachen man!
De eerste comedian ontnam mij niet de zorg. En als tweede in de line-up, dat was ik, hoop je toch altijd dat je voorganger de zaal voor je opwarmt, als de host daar niet in slaagt. Maar deze zaal kreeg je alleen aan het lachen met ordinaire grappen over seks. Hij had er welgeteld drie en een verhaal over snot en bijbehorende slierten. Echt lachen...
Ondertussen stierf ik zo ongeveer af. Het liefst was ik de zaal uitgeslopen en had ik de trein terug naar Maastricht gepakt. Maar voordat ik die gedachte had afgemaakt, klonk: "geef haar een daverend applaus, ja we hebben ook een vrouwelijke comedian (dat is uitzonderlijk want vrouwen zijn niet grappig), hier is, José Schuringa!" Nu lijk ik in de verste verte niet op een standupper. Mijn grapdichtheid is Groenlands. Ik beschrijf situaties die tot de verbeelding te spreken, herkenbaar zijn en grappig blijken als ik er een draai aan geef. In Moeke geef ik een onconventionele blik op het moederschap. Moeder zijn is geweldig, maar dan wel zonder kinderen. Daarbij ben ik nogal theatraal... 200 paar ogen staren mij bemoedigend aan, maar van herkenning is geen sprake. En de theatercode was bij deze welwillende Blackberrygebruikers niet bekend. Deze mensen hebben geen enkel gevoel bij een moederfiets of tas. De meesten wonen nog bij hun moeder. Dus ik stierf bijna een tweede maal. Maar je kunt niet opgeven. Godzijdank zat er 1 moeder in de zaal die ik kon aanspreken. Zij moest lachen. Eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik de anderen toch ook wel aan het lachen heb gekregen, er waren er zelfs met de slappe lach. Ik hou mezelf voor dat ze me echt grappig vonden, misschien lachten ze me wel uit, omdat ik zo raar deed. Maar dan was het in elk geval toch om te lachen.

